
Indiase Patang, vechtvlieger (Bouwbeschrijving)
Een Indiase patang is een traditionele gevechtsvlieger, meestal gemaakt van dun vloeipapier en bamboe. Hieronder volgt een beknopt bouwplan gebaseerd op traditionele afmetingen en materialen.
Benodigdheden
- Zeil: Een vierkant stuk vloeipapier of lichte kunststof (ca. 50x50 cm).
- Frame: Twee bamboestokjes of dunne houten deuvels.
-
- Spine (Ruggengraat): Een rechte stok, even lang als de diagonaal van het papier.
- Bow (Boog): Een flexibele stok die gebogen kan worden.
- Bevestiging: Lijm, plakband en vliegertouw.
Bouwstappen
- Het zeil snijden: Knip het papier in een ruitvorm (vierkant). Een standaardformaat is ongeveer 53 cm hoog en 60 cm breed bij de hoeken.
- Ruggengraat plaatsen: Lijm de rechte stok (spine) verticaal over de diagonaal van het papier.
- De boog monteren: Bevestig de flexibele stok (bow) over de horizontale breedte. De stok moet in een boog lopen en aan de zijpunten van het papier worden vastgezet met "wingtip pockets" (omgevouwen papier met lijm of tape).
- Staart toevoegen: Bevestig onderaan de spine een klein driehoekig stuk papier (tail fin) voor stabiliteit.
- Toom (Bridle) maken: Bevestig het touw op twee punten aan de ruggengraat: één punt op ongeveer 1/4 van de bovenkant en het andere punt lager op de spine. De juiste balans is cruciaal voor de wendbaarheid tijdens het vliegeren
Belangrijke Kenmerken
- Wendbaarheid: De patang heeft geen staartvlak zoals westerse vliegers; hij wordt bestuurd door spanning op de lijn, waardoor hij kan tollen en duiken.
- Materialen: Hoewel papier traditioneel is, worden in 2026 voor duurzaamheid ook vliegers van dunne kunststof zakken of mylar gemaakt
|
|
| |
|
|
| |


.webp)
.webp)
.webp)
.webp)



